Money and insurance
Geld en verzekeringen
Your account, your policy, and what you do when something goes wrong.
These are the words of the “Money and insurance” unit in the Zorg Space Dutch course, level A2. Each noun is shown with its article (de or het), followed by its meaning in English and an example sentence in Dutch.
No single rule tells you whether a noun takes de or het, so learn every noun together with its article. Read the lesson on de or het
| Word | Meaning | Example |
|---|---|---|
| de lening | loan | Zij heeft een kleine lening voor de auto. |
| storneren | to reverse a payment | De bank kan het bedrag storneren. |
| saldo controleren | to check your balance | Ik wil eerst mijn saldo controleren. |
| de overschrijving | bank transfer | De overschrijving duurt één werkdag. |
| de tenaamstelling | name on the account | Klopt de tenaamstelling van de rekening? |
| de bijschrijving | credit entry | Ik zie de bijschrijving van mijn loon. |
| de afschrijving | debit entry | Deze afschrijving herken ik niet. |
| de aftrek | deduction | Deze kosten mag u van de belasting aftrekken. |
| de toeslagpartner | benefit partner | Uw toeslagpartner telt mee voor het inkomen. |
| de definitieve berekening | final calculation | De definitieve berekening komt in mei. |
| de verzekeringspolis | insurance policy | Bewaar uw verzekeringspolis goed. |
| de dekking | cover | Deze schade valt niet onder de dekking. |
| schade melden | to report damage | U moet de schade binnen een week melden. |
| het schadeformulier | claim form | Vul samen het schadeformulier in. |
| Word | Meaning | Example |
|---|---|---|
| de expert | assessor, expert | De verzekering stuurt een expert langs. |
| uitkering van verzekering | insurance payout | De uitkering van de verzekering komt volgende maand. |
| de inboedel | household contents | Uw inboedel is verzekerd tot dat bedrag. |
| de opstalverzekering | buildings insurance | De opstalverzekering is voor het gebouw zelf. |
| reisverzekering afsluiten | to take out travel insurance | Wij gaan een reisverzekering afsluiten. |
| de no-claim | no-claim discount | Na een jaar zonder schade krijgt u no-claim. |
| bijhouden van uitgaven | keeping track of spending | Het bijhouden van uitgaven helpt echt. |
| het huishoudboekje | household budget book | Wij houden een huishoudboekje bij. |
| bezuinigen | to cut back | Deze maand moeten wij bezuinigen. |
| de meevaller | windfall, pleasant surprise | De teruggave was een mooie meevaller. |
| de tegenvaller | setback | De rekening was een flinke tegenvaller. |
| contant afrekenen | to pay cash | Kan ik hier contant afrekenen? |
| aflossen | to pay off | Wij moeten de lening nog aflossen. |
| de rente | interest | Op deze rekening krijgt u weinig rente. |
Learn these words with spaced review
In the Zorg Space app every word comes with a picture and its pronunciation, and comes back for review just before you would forget it.
Start for free