Meervoud en verkleinwoord
De regel
Het meervoud is meestal -en: brief wordt brieven, dag wordt dagen. Na -el, -em, -en, -er, -je en na een klinker is het -s: tafels, kamers, meisjes, foto's. Let op de spelling: een korte klinker verdubbelt de medeklinker (man — mannen) en een lange klinker verliest er één (raam — ramen). Het verkleinwoord is -je, soms -tje, -pje of -etje: kaartje, meisje, boompje, zonnetje. Elk verkleinwoord is een het-woord.
-EN standaard · -S na el/em/en/er/je en klinker · -JE = het-woord
Voorbeelden
Ik heb twee brieven gekregen.
brief → brieven
De kamers zijn allemaal bezet.
kamer → kamers
Er staan drie mannen bij de deur.
man → mannen, korte klinker
Neem het kaartje mee naar de balie.
kaart → kaartje, een het-woord
Veelgemaakte fouten
-
Fout: twee brief
Goed: twee brieven
Na een getal komt het meervoud.
-
Fout: de kaartje
Goed: het kaartje
Elk verkleinwoord is een het-woord.
Oefenvragen
Probeer elke vraag eerst zelf en open dan „Toon antwoord” voor de oplossing en de reden.
-
1Vul het gat in.
Vul de goede vorm in.
Ik heb drie _____ voor deze week. (afspraak)
- afspraaken
- afspraken
- afspraakken
- afspraaks
Toon antwoord
Antwoord: B Ik heb drie afspraken voor deze week. (afspraak)
afspraak → afspraken, lange klinker verliest een a.
-
2Vul het gat in.
Vul de goede vorm in.
In deze straat wonen veel _____. (gezin)
- gezinen
- gezinden
- gezins
- gezinnen
Toon antwoord
Antwoord: D In deze straat wonen veel gezinnen. (gezin)
gezin → gezinnen, korte klinker verdubbelt de n.
-
3Vul het gat in.
Vul de goede vorm in.
De _____ van de woning zijn allemaal klein. (kamer)
- kamerren
- kamertjes
- kameren
- kamers
Toon antwoord
Antwoord: D De kamers van de woning zijn allemaal klein. (kamer)
Na -er komt -s.
-
4Vul het gat in.
Vul de goede vorm in.
Wij hebben veel _____ van de bruiloft gemaakt. (foto)
- fotoos
- foto's
- fotos
- fotoen
Toon antwoord
Antwoord: B Wij hebben veel foto's van de bruiloft gemaakt. (foto)
Na een klinker komt -s met een apostrof.
-
5Kies de juiste zin.
Kies het goede woord.
_____ kaartje ligt op de tafel.
- Het
- Die
- De
- Deze
Toon antwoord
Antwoord: A Het
Een verkleinwoord is altijd een het-woord.
-
6Kies de juiste zin.
Kies de goede vorm.
Wilt u een _____ koffie?
- koppje
- kopje
- kopetje
- kople
Toon antwoord
Antwoord: B kopje
kop → kopje, korte klinker verdubbelt de p.
-
7Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.
Deze zin is fout. Kies de goede zin.
Ik moet nog twee formulier invullen.
- Ik moet nog twee formulieren invullen.
- Ik moet nog twee formulierren invullen.
- Ik moet nog twee formulieren in vullen.
- Ik moet nog twee formuliers invullen.
Toon antwoord
Antwoord: A Ik moet nog twee formulieren invullen.
Na een getal komt het meervoud: formulieren.
-
8Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.
Deze zin is fout. Kies de goede zin.
De meisje speelt in de tuin.
- De meisjes speelt in de tuin.
- Het meisje speelt in de tuin.
- Een meisje speelt de tuin in tuin.
- Het meisje spelen in de tuin.
Toon antwoord
Antwoord: B Het meisje speelt in de tuin.
meisje is een het-woord.
-
9Kies de juiste zin.
Kies de goede zin.
- Er liggen twee briefjeen in de bus.
- Er liggen twee briefjes in de bus.
- Er liggen twee briefjen in de bus.
- Er liggen twee briefje in de bus.
Toon antwoord
Antwoord: B Er liggen twee briefjes in de bus.
Het meervoud van een verkleinwoord krijgt -s.
-
10Zet de woorden in de juiste volgorde.
Zet de woorden in de goede volgorde.
drie Ik gekregen brieven heb
Toon antwoord
Antwoord: Ik heb drie brieven gekregen
Na een getal het meervoud, deelwoord achteraan.
Oefen deze les in Zorg Space
In de app wordt elke regel interactief oefenen: directe correctie, herhaling op het moment dat je het bijna vergeet en voortgang die je van niveau tot niveau ziet — gratis.
Gratis beginnen