at, on, in bij tijd
at, on, in for time
De regel
Het Engels gebruikt drie woorden voor tijd, afhankelijk van hoe groot het stuk tijd is. at bij een kloktijd, on bij een dag of datum, in bij iets langers: in April, in the morning. Het kleinste krijgt at, het grootste in.
at nine · on Monday · in April · in the morning
Voorbeelden
The class starts at nine o'clock.
De les begint om negen uur. — kloktijd → at
I work on Monday.
Ik werk op maandag. — dag → on
My birthday is in April.
Mijn verjaardag is in april. — maand → in
I work in the morning.
Ik werk in de ochtend. — dagdeel → in
Veelgemaakte fouten
-
Fout: in Monday
Goed: on Monday
Een dag van de week krijgt altijd on.
-
Fout: in nine o'clock
Goed: at nine o'clock
Een kloktijd krijgt altijd at.
Oefenvragen
Probeer elke vraag eerst zelf en open dan „Toon antwoord” voor de oplossing en de reden.
-
1Vul het gat in.
The lesson starts _____ ten.
- in
- on
- to
- at
Toon antwoord
Antwoord: D The lesson starts at ten.
Kloktijd → at.
-
2Vul het gat in.
The shop is closed _____ Sunday.
- on
- at
- by
- in
Toon antwoord
Antwoord: A The shop is closed on Sunday.
Een dag → on.
-
3Vul het gat in.
My course starts _____ January.
- in
- from
- at
- on
Toon antwoord
Antwoord: A My course starts in January.
Een maand → in.
-
4Vul het gat in.
The doctor is here _____ the afternoon.
- on
- at
- by
- in
Toon antwoord
Antwoord: D The doctor is here in the afternoon.
Een dagdeel → in.
-
5Vul het gat in.
My appointment is _____ the tenth of May.
- at
- to
- on
- in
Toon antwoord
Antwoord: C My appointment is on the tenth of May.
Een datum → on.
-
6Kies de juiste zin.
- My husband works at night.
- My husband works in night.
- My husband works by night time.
- My husband works on night.
Toon antwoord
Antwoord: A My husband works at night.
at night is vast en volgt het patroon van in the morning niet.
-
7Kies de juiste zin.
- What do you do at the weekend?
- What do you do by the weekend?
- What do you do on weekend?
- What do you do in the weekend?
Toon antwoord
Antwoord: A What do you do at the weekend?
Het weekend krijgt at in deze variant.
-
8Zet de woorden in de juiste volgorde.
I start work at eight o'clock
Toon antwoord
Antwoord: I start work at eight o'clock.
De tijd komt achteraan.
-
9Zet de woorden in de juiste volgorde.
The exam is on Friday
Toon antwoord
Antwoord: The exam is on Friday.
Een dag krijgt on.
-
10Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.
Welke zin is fout?
- I have an appointment in Wednesday.
- I have an appointment at two.
- I have an appointment in April.
- I have an appointment on Wednesday.
Toon antwoord
Antwoord: A I have an appointment in Wednesday.
Een weekdag krijgt on, niet in.
Oefen deze les in Zorg Space
In de app wordt elke regel interactief oefenen: directe correctie, herhaling op het moment dat je het bijna vergeet en voortgang die je van niveau tot niveau ziet — gratis.
Gratis beginnen