Skip to content
Zorg Space Open the app

Dutch grammar

Fixed prepositions: leiden tot, beschikken over

Vaste voorzetsels: leiden tot, beschikken over

B2 · Upper intermediate Place and direction Questions 10

The rule

For hundreds of verbs, adjectives and nouns the preposition is fixed: leiden tot, beschikken over, voldoen aan, afhankelijk van, in aanmerking komen voor, zich richten op. The preposition no longer carries meaning of its own — it belongs to the word like an article. The wrong choice makes the sentence not vague but wrong, and sometimes different: aanleiding geven tot is not aanleiding zien in. Learn the combination as one unit, with its nominal twin: de toegang tot, het recht op.

Pattern

WERKWOORD/NAAMWOORD + VAST VOORZETSEL + aanvulling

Examples

  1. Personeelstekort leidt tot langere wachttijden.

    Leiden + tot.

  2. De afdeling beschikt niet over een eigen tillift.

    Beschikken + over.

  3. U komt in aanmerking voor een vergoeding van de kosten.

    In aanmerking komen + voor.

  4. De uitkomst is afhankelijk van de inzet van het hele team.

    Afhankelijk + van.

Common mistakes

  • Wrong: De maatregel leidt naar minder valincidenten.

    Right: De maatregel leidt tot minder valincidenten.

    Leiden takes tot; naar is a route, not a result.

  • Wrong: De aanvraag voldoet niet met de eisen.

    Right: De aanvraag voldoet niet aan de eisen.

    Voldoen goes with aan.

Practice questions

Try each one yourself first, then open “Show answer” for the solution and the reason.

  1. 1Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    Personeelstekort leidt _____ langere wachttijden.

    1. tot
    2. op
    3. naar
    4. aan
    Show answer

    Answer: A Personeelstekort leidt tot langere wachttijden.

    Leiden tot: the result.

  2. 2Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    De afdeling beschikt niet _____ een eigen tillift.

    1. over
    2. aan
    3. van
    4. op
    Show answer

    Answer: A De afdeling beschikt niet over een eigen tillift.

    Beschikken over.

  3. 3Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    De aanvraag voldoet niet _____ de gestelde eisen.

    1. met
    2. voor
    3. aan
    4. op
    Show answer

    Answer: C De aanvraag voldoet niet aan de gestelde eisen.

    Voldoen aan.

  4. 4Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    U komt in aanmerking _____ een vergoeding van de reiskosten.

    1. voor
    2. op
    3. tot
    4. aan
    Show answer

    Answer: A U komt in aanmerking voor een vergoeding van de reiskosten.

    In aanmerking komen voor.

  5. 5Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    De uitkomst is afhankelijk _____ de inzet van het hele team.

    1. aan
    2. van
    3. met
    4. op
    Show answer

    Answer: B De uitkomst is afhankelijk van de inzet van het hele team.

    Afhankelijk van.

  6. 6Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    Het onderzoek richt zich _____ de oorzaken van uitval.

    1. op
    2. naar
    3. aan
    4. tot
    Show answer

    Answer: A Het onderzoek richt zich op de oorzaken van uitval.

    Zich richten op a topic; tot would address an audience.

  7. 7Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    Iedere bewoner heeft recht _____ een jaarlijkse evaluatie.

    1. tot
    2. voor
    3. op
    4. aan
    Show answer

    Answer: C Iedere bewoner heeft recht op een jaarlijkse evaluatie.

    Het recht op: the nominal twin of recht hebben op.

  8. 8Fill in the gap.

    Fill in the correct preposition.

    De toegang _____ het systeem is beperkt tot bevoegde medewerkers.

    1. van
    2. tot
    3. naar
    4. aan
    Show answer

    Answer: B De toegang tot het systeem is beperkt tot bevoegde medewerkers.

    De toegang tot.

  9. 9This sentence is wrong. Choose the fix.

    This sentence is wrong. Choose the correct one.

    De maatregel leidt naar minder valincidenten.

    1. De maatregel leidt tot minder valincidenten.
    2. De maatregel leidt aan minder valincidenten.
    3. De maatregel leidt voor minder valincidenten.
    4. De maatregel leidt op minder valincidenten.
    Show answer

    Answer: A De maatregel leidt tot minder valincidenten.

    Leiden takes tot; naar is a route, not a result.

  10. 10This sentence is wrong. Choose the fix.

    This sentence is wrong. Choose the correct one.

    Wij zijn trots met het behaalde resultaat.

    1. Wij zijn trots over het behaalde resultaat.
    2. Wij zijn trots van het behaalde resultaat.
    3. Wij zijn trots aan het behaalde resultaat.
    4. Wij zijn trots op het behaalde resultaat.
    Show answer

    Answer: D Wij zijn trots op het behaalde resultaat.

    Trots op: the preposition belongs to the word.

Practise this lesson in Zorg Space

In the app every rule becomes interactive practice: instant correction, reviews at the moment you are about to forget, and progress you can see from level to level — free.

Start for free