Naar de inhoud
Zorg Space Open de app

Nederlandse grammatica

Inversie

A0 · Start De zin bouwen Vragen 10

De regel

Dit is geen nieuwe regel — het is dezelfde regel. Begint u de zin met iets anders dan het onderwerp, bijvoorbeeld met vandaag of om acht uur, dan moet het werkwoord nog steeds op plaats twee staan. Het onderwerp schuift dus achter het werkwoord. Ik werk vandaag wordt Vandaag werk ik. Er staat niet ineens iets extra's in de zin; alleen de volgorde is anders.

Patroon

Ik werk vandaag. → Vandaag WERK ik.

Voorbeelden

  1. Vandaag werk ik.

    werk blijft op plaats 2

  2. Morgen ga ik naar de dokter.

    ga blijft op plaats 2

  3. Om acht uur begint de les.

    begint blijft op plaats 2

  4. Daarna ga ik naar huis.

    ga blijft op plaats 2

Veelgemaakte fouten

  • Fout: Vandaag ik werk.

    Goed: Vandaag werk ik.

    Het werkwoord blijft op plaats twee, dus het onderwerp schuift erachter.

Oefenvragen

Probeer elke vraag eerst zelf en open dan „Toon antwoord” voor de oplossing en de reden.

  1. 1Verander de zin.

    Begin de zin met vandaag.

    Ik werk vandaag.

    1. Vandaag werk ik.
    2. Vandaag ik werkt.
    3. Werk vandaag ik.
    4. Vandaag ik werk.
    Toon antwoord

    Antwoord: A Vandaag werk ik.

    Het werkwoord blijft op plaats twee.

  2. 2Verander de zin.

    Begin de zin met morgen.

    Ik ga morgen naar de gemeente.

    1. Morgen ik ga naar de gemeente.
    2. Morgen gaat ik naar de gemeente.
    3. Ga morgen ik naar de gemeente.
    4. Morgen ga ik naar de gemeente.
    Toon antwoord

    Antwoord: D Morgen ga ik naar de gemeente.

    Het onderwerp schuift achter het werkwoord.

  3. 3Zet de woorden in de juiste volgorde.

    begint acht Om de les uur

    Toon antwoord

    Antwoord: Om acht uur begint de les

    Om acht uur is plaats één, begint is plaats twee.

  4. 4Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.

    Daarna ik ga naar huis.

    1. Ik daarna ga naar huis.
    2. Daarna ga ik naar huis.
    3. Daarna gaat ik naar huis.
    4. Daarna naar huis ik ga.
    Toon antwoord

    Antwoord: B Daarna ga ik naar huis.

    Na daarna komt eerst het werkwoord.

  5. 5Kies de juiste zin.

    1. Regent in Nederland het vaak.
    2. In Nederland regent het vaak.
    3. In Nederland het regent vaak.
    4. In Nederland vaak regent het.
    Toon antwoord

    Antwoord: B In Nederland regent het vaak.

    Alleen bij inversie schuift het onderwerp naar achteren.

  6. 6Zet de woorden in de juiste volgorde.

    ik Morgen terug kom

    Toon antwoord

    Antwoord: Morgen kom ik terug

    Tijd vooraan, dan het werkwoord, dan het onderwerp.

  7. 7Zet de woorden in de juiste volgorde.

    werk weekend het ik In niet

    Toon antwoord

    Antwoord: In het weekend werk ik niet

    De vooropgezette woordgroep telt als één plaats.

  8. 8Kies de juiste zin.

    1. Op maandag werkt ik niet.
    2. Op maandag ik werk niet.
    3. Op maandag werk ik niet.
    4. Werk op maandag ik niet.
    Toon antwoord

    Antwoord: C Op maandag werk ik niet.

    Na een vooropgezette groep volgt het onderwerp op het werkwoord.

  9. 9Kies de juiste zin.

    1. Vandaag bent ik ziek.
    2. Vandaag ik ben ziek.
    3. Vandaag ben ik ziek.
    4. Ben vandaag ik ziek.
    Toon antwoord

    Antwoord: C Vandaag ben ik ziek.

    Inversie verandert niet welke vorm het werkwoord krijgt.

  10. 10Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.

    Om acht uur mijn dienst begint.

    1. Om acht uur beginnen mijn dienst.
    2. Om acht uur mijn dienst begint niet.
    3. Om acht uur begint mijn dienst.
    4. Mijn dienst om acht uur begint.
    Toon antwoord

    Antwoord: C Om acht uur begint mijn dienst.

    Het werkwoord moet nog steeds op plaats twee staan.

Oefen deze les in Zorg Space

In de app wordt elke regel interactief oefenen: directe correctie, herhaling op het moment dat je het bijna vergeet en voortgang die je van niveau tot niveau ziet — gratis.

Gratis beginnen