Vertellen wat iemand zei: dat en of
De regel
U hoeft niet letterlijk te herhalen wat iemand zei. Met dat vertelt u een mededeling door: Hij zegt dat de monteur morgen komt. Met of vertelt u een ja-nee-vraag door: Ze vraagt of ik thuis ben. In beide gevallen is het een bijzin, dus het werkwoord schuift naar achteren. Vergeet niet de persoon aan te passen: ik wordt hij, mijn wordt zijn.
… ZEGT / VRAAGT + DAT / OF + onderwerp + … + WERKWOORD
Voorbeelden
Hij zegt dat de monteur morgen komt.
Mededeling → dat, komt achteraan.
Ze vraagt of ik thuis ben.
Ja-nee-vraag → of, ben achteraan.
De gemeente laat weten dat de aanvraag is ontvangen.
Ook met een lijdende bijzin.
Mijn buurman zei dat hij het niet had gehoord.
Persoon aangepast: ik → hij.
Veelgemaakte fouten
-
Fout: Hij zegt dat komt de monteur morgen.
Goed: Hij zegt dat de monteur morgen komt.
Na dat gaat het werkwoord naar het eind.
-
Fout: Ze vraagt dat ik thuis ben.
Goed: Ze vraagt of ik thuis ben.
Een ja-nee-vraag krijgt of, geen dat.
Oefenvragen
Probeer elke vraag eerst zelf en open dan „Toon antwoord” voor de oplossing en de reden.
-
1Kies de juiste zin.
Kies de goede zin.
De monteur komt morgen. Wat zegt hij?
- Hij zegt dat komt de monteur morgen.
- Hij zegt dat de monteur komt morgen.
- Hij zegt of de monteur morgen komt.
- Hij zegt dat de monteur morgen komt.
Toon antwoord
Antwoord: D Hij zegt dat de monteur morgen komt.
Mededeling → dat, werkwoord achteraan.
-
2Vul het gat in.
Vul het goede woord in.
Ze vraagt _____ ik thuis ben.
- dat
- wat
- als
- of
Toon antwoord
Antwoord: D Ze vraagt of ik thuis ben.
Ja-nee-vraag → of.
-
3Verander de zin.
Vertel door wat hij zegt.
Hij zegt: "Ik heb de brief niet gekregen."
- Hij zegt dat hij de brief niet heeft gekregen.
- Hij zegt dat heeft hij de brief niet gekregen.
- Hij zegt dat ik de brief niet heb gekregen.
- Hij zegt of hij de brief niet heeft gekregen.
Toon antwoord
Antwoord: A Hij zegt dat hij de brief niet heeft gekregen.
ik wordt hij, en gekregen schuift naar achteren.
-
4Zet de woorden in de juiste volgorde.
Zet de woorden in de goede volgorde.
De gemeente laat weten dat de aanvraag is ontvangen
Toon antwoord
Antwoord: De gemeente laat weten dat de aanvraag is ontvangen
Na dat: onderwerp, dan is ontvangen.
-
5Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.
Deze zin is fout. Kies de goede zin.
Mijn buurman zei dat hij had het niet gehoord.
- Mijn buurman zei dat hij het niet had gehoord.
- Mijn buurman zei of hij het niet had gehoord.
- Mijn buurman zei dat had hij het niet gehoord.
- Mijn buurman zei dat hij het niet gehoord had worden.
Toon antwoord
Antwoord: A Mijn buurman zei dat hij het niet had gehoord.
In de bijzin staan de werkwoorden samen achteraan.
-
6Verander de zin.
Vertel door wat ze vraagt.
Ze vraagt: "Werkt u op maandag?"
- Ze vraagt of ik werk op maandag.
- Ze vraagt dat ik op maandag werk.
- Ze vraagt of ik op maandag werk.
- Ze vraagt of werk ik op maandag.
Toon antwoord
Antwoord: C Ze vraagt of ik op maandag werk.
Ja-nee-vraag → of, werkwoord achteraan.
-
7Vul het gat in.
Vul de goede vorm in.
De verhuurder zegt dat hij de reparatie deze week _____.
- inplant
- te inplannen
- in plant
- plant in
Toon antwoord
Antwoord: A De verhuurder zegt dat hij de reparatie deze week inplant.
inplant staat helemaal achteraan.
-
8Kies de juiste zin.
Kies de goede zin.
- Ik hoorde dat de bus rijdt voorlopig niet.
- Ik hoorde of de bus voorlopig niet rijdt.
- Ik hoorde dat de bus voorlopig niet rijdt.
- Ik hoorde dat rijdt de bus voorlopig niet.
Toon antwoord
Antwoord: C Ik hoorde dat de bus voorlopig niet rijdt.
Na dat gaan beide werkwoorden naar het eind.
-
9Vul het gat in.
Vul het goede woord in.
Hij zegt _____ de monteur morgen komt.
- als
- wat
- dat
- of
Toon antwoord
Antwoord: C Hij zegt dat de monteur morgen komt.
Een mededeling doorgeven → dat.
-
10Vul het gat in.
Vul het goede woord in.
Ze vraagt _____ ik donderdag thuis ben.
- wanneer
- dat
- of
- als
Toon antwoord
Antwoord: C Ze vraagt of ik donderdag thuis ben.
Een ja-neevraag doorgeven → of.
Oefen deze les in Zorg Space
In de app wordt elke regel interactief oefenen: directe correctie, herhaling op het moment dat je het bijna vergeet en voortgang die je van niveau tot niveau ziet — gratis.
Gratis beginnen