Skip to content
Zorg Space Open the app

Dutch grammar

moeten, kunnen and mogen in the past

moeten, kunnen en mogen in de verleden tijd

B1 · Intermediate Verbs and time Questions 10

The rule

For something you had to or could do in the past there are two routes. Short: Ik moest wachten. Or with hebben, and then the modal stays whole: Ik heb lang moeten wachten. That is the double infinitive: not gemoeten but moeten. The same goes for kunnen, mogen and willen: ik heb niet kunnen komen, ik heb het niet mogen zien.

Pattern

HEB / HEEFT / HEBBEN + … + MOETEN / KUNNEN / MOGEN + INFINITIEF

Examples

  1. Ik heb drie weken moeten wachten.

    heb + moeten + wachten, no gemoeten.

  2. Ik moest drie weken wachten.

    The short form, just as good.

  3. Ze heeft gisteren niet kunnen komen.

    kunnen stays whole.

  4. We hebben het dossier niet mogen inzien.

    Three verbs in a row.

Common mistakes

  • Wrong: Ik heb lang gemoeten wachten.

    Right: Ik heb lang moeten wachten.

    No ge- on the modal.

  • Wrong: Ze heeft niet gekund komen.

    Right: Ze heeft niet kunnen komen.

    kunnen stays in the infinitive.

Practice questions

Try each one yourself first, then open “Show answer” for the solution and the reason.

  1. 1Choose the correct sentence.

    1. Ik heb drie weken moeten wachten.
    2. Ik heb drie weken moeten gewacht.
    3. Ik heb drie weken gemoeten wachten.
    4. Ik heb drie weken wachten moeten worden.
    Show answer

    Answer: A Ik heb drie weken moeten wachten.

    The modal stays whole.

  2. 2Fill in the gap.

    Fill in the correct form.

    Ze heeft gisteren niet _____ _____.

    1. gekund komen
    2. komen kunnen
    3. kunnen gekomen
    4. kunnen komen
    Show answer

    Answer: D kunnen komen

    kunnen komen: both whole.

  3. 3Change the sentence.

    Put it in the perfect with hebben.

    Ik moest het formulier opnieuw invullen.

    1. Ik ben het formulier opnieuw moeten invullen.
    2. Ik heb het formulier opnieuw moeten ingevuld.
    3. Ik heb het formulier opnieuw gemoeten invullen.
    4. Ik heb het formulier opnieuw moeten invullen.
    Show answer

    Answer: D Ik heb het formulier opnieuw moeten invullen.

    heb + moeten + invullen.

  4. 4Put the words in the right order.

    We hebben het dossier niet mogen inzien

    Show answer

    Answer: We hebben het dossier niet mogen inzien

    hebben, rest, mogen, infinitive.

  5. 5This sentence is wrong. Choose the fix.

    This sentence is wrong. Choose the correct one.

    Hij heeft de afspraak niet gekund verzetten.

    1. Hij heeft de afspraak niet verzetten gekund.
    2. Hij is de afspraak niet kunnen verzetten.
    3. Hij heeft de afspraak niet kunnen verzet.
    4. Hij heeft de afspraak niet kunnen verzetten.
    Show answer

    Answer: D Hij heeft de afspraak niet kunnen verzetten.

    kunnen stays in the infinitive.

  6. 6Choose the correct sentence.

    Which sentence means the same?

    Ik moest lang wachten.

    1. Ik moet lang gewacht hebben.
    2. Ik heb lang moeten wachten.
    3. Ik heb lang gewacht moeten.
    4. Ik ben lang moeten wachten.
    Show answer

    Answer: B Ik heb lang moeten wachten.

    The short and the long form say the same thing.

  7. 7Fill in the gap.

    Fill in the correct form.

    Door de storing _____ we een uur _____ wachten.

    1. hebben / moeten
    2. zijn / moeten
    3. hebben / gemoeten
    4. waren / moeten
    Show answer

    Answer: A hebben / moeten

    hebben … moeten, with wachten last.

  8. 8Choose the correct sentence.

    1. Ik baal ervan dat ik zo lang heb moeten wachten.
    2. Ik baal ervan dat ik zo lang moeten wachten heb.
    3. Ik baal ervan dat ik zo lang gemoeten heb wachten.
    4. Ik baal ervan dat ik heb zo lang moeten wachten.
    Show answer

    Answer: A Ik baal ervan dat ik zo lang heb moeten wachten.

    In a clause the auxiliary stands before the two infinitives.

  9. 9Fill in the gap.

    Fill in the correct form.

    Ik heb gisteren twee uur _____ wachten.

    1. gemoeten
    2. te moeten
    3. moeten
    4. moest
    Show answer

    Answer: C Ik heb gisteren twee uur moeten wachten.

    With hebben the modal stays whole: moeten.

  10. 10Fill in the gap.

    Fill in the correct form.

    Zij heeft door de griep niet _____ komen.

    1. kon
    2. kunnen
    3. gekund
    4. te kunnen
    Show answer

    Answer: B Zij heeft door de griep niet kunnen komen.

    Double infinitive: kunnen komen.

Practise this lesson in Zorg Space

In the app every rule becomes interactive practice: instant correction, reviews at the moment you are about to forget, and progress you can see from level to level — free.

Start for free