Naar de inhoud
Zorg Space Open de app

Nederlandse grammatica

De dubbele infinitief: had moeten melden

B2 · Gevorderd Werkwoorden en tijd Vragen 10

De regel

Zet u een modaal werkwoord of laten in de voltooide tijd, dan komt er geen deelwoord maar twee infinitieven achteraan: ik had het moeten melden; wij hebben de lift laten repareren. Het hulpwerkwoord is altijd hebben. Zo klinkt het oordeel achteraf — had moeten, had kunnen — en zo zegt u dat u iets liet doen zonder het zelf te doen. Ook zitten/staan/blijven + te volgen dit patroon: ze heeft de hele middag zitten wachten.

Patroon

HEBBEN/HAD + … + INFINITIEF + INFINITIEF

Voorbeelden

  1. De bijwerking had eerder gemeld moeten worden.

    Oordeel achteraf, lijdend.

  2. Wij hebben de alarmknop dezelfde dag laten vervangen.

    Iets laten doen: laten + infinitief.

  3. Ik had die vraag niet alleen hoeven beantwoorden.

    Hoeven in de voltooide tijd.

  4. De familie heeft twee uur zitten wachten op de uitslag.

    Zitten te wachten → hebben zitten wachten.

Veelgemaakte fouten

  • Fout: Ik heb het gisteren gemoeten melden.

    Goed: Ik heb het gisteren moeten melden.

    Geen deelwoord van het modale werkwoord: twee infinitieven.

  • Fout: Wij zijn de lift laten repareren.

    Goed: Wij hebben de lift laten repareren.

    De dubbele infinitief gaat met hebben.

Oefenvragen

Probeer elke vraag eerst zelf en open dan „Toon antwoord” voor de oplossing en de reden.

  1. 1Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    Ik heb u gisteren helaas niet _____ bereiken.

    1. kunnen
    2. gekund te
    3. kon
    4. gekund
    Toon antwoord

    Antwoord: A Ik heb u gisteren helaas niet kunnen bereiken.

    Modaal + werkwoord in de voltooide tijd: twee infinitieven.

  2. 2Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    Zij heeft de uitslag nog niet _____ inzien.

    1. mocht
    2. mag
    3. mogen
    4. gemogen
    Toon antwoord

    Antwoord: C Zij heeft de uitslag nog niet mogen inzien.

    Heeft … mogen inzien, niet gemogen.

  3. 3Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    Wij hebben het bed door de technische dienst _____ vervangen.

    1. laten
    2. gelaten
    3. te laten
    4. liet
    Toon antwoord

    Antwoord: A Wij hebben het bed door de technische dienst laten vervangen.

    Laten volgt dezelfde regel: hebben laten vervangen.

  4. 4Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    Hij had die vraag eerder aan de arts _____ stellen.

    1. moeten
    2. moest
    3. gemoest
    4. gemoeten
    Toon antwoord

    Antwoord: A Hij had die vraag eerder aan de arts moeten stellen.

    Had moeten stellen: verwijt in twee infinitieven.

  5. 5Kies de juiste zin.

    Kies de goede zin.

    1. Ik heb de familie gisteren nog gewild bellen.
    2. Ik heb de familie gisteren nog willen bellen.
    3. Ik heb de familie gisteren nog willen gebeld.
    4. Ik heb gisteren de familie bellen nog willen.
    Toon antwoord

    Antwoord: B Ik heb de familie gisteren nog willen bellen.

    Willen bellen, allebei heel, in die volgorde achteraan.

  6. 6Deze zin klopt niet. Kies de verbetering.

    Deze zin is fout. Kies de goede zin.

    De cliënt heeft niet naar de dagbesteding gekund gaan.

    1. De cliënt heeft niet gekund naar de dagbesteding gaan.
    2. De cliënt heeft niet naar de dagbesteding kunnen gaan.
    3. De cliënt heeft niet naar de dagbesteding gaan kunnen.
    4. De cliënt kunnen niet naar de dagbesteding gaan.
    Toon antwoord

    Antwoord: B De cliënt heeft niet naar de dagbesteding kunnen gaan.

    Geen deelwoord: kunnen gaan, met het modaal eerst.

  7. 7Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    De arts zegt dat hij de uitslag nog niet heeft _____ beoordelen.

    1. kunnen
    2. gekund
    3. kan
    4. kon
    Toon antwoord

    Antwoord: A De arts zegt dat hij de uitslag nog niet heeft kunnen beoordelen.

    Ook in de bijzin blijven het twee infinitieven.

  8. 8Kies de juiste zin.

    Welke zin betekent hetzelfde?

    Het lukte mij niet om eerder te komen.

    1. Ik heb niet eerder komen kunnen.
    2. Ik ben niet eerder gekomen kunnen.
    3. Ik heb niet eerder kunnen komen.
    4. Ik heb niet eerder gekund komen.
    Toon antwoord

    Antwoord: C Ik heb niet eerder kunnen komen.

    Niet lukken = niet hebben kunnen.

  9. 9Vul het gat in.

    Vul de goede vorm in.

    De bewoner heeft zich door de kapper _____ knippen.

    1. geliet
    2. laten
    3. gelaten
    4. laat
    Toon antwoord

    Antwoord: B De bewoner heeft zich door de kapper laten knippen.

    Zich laten knippen: laten blijft heel in de voltooide tijd.

  10. 10Kies de juiste zin.

    Wat betekent deze zin?

    Wij hebben de leverancier laten weten dat de bestelling anders moet.

    1. Wij hebben het de leverancier meegedeeld.
    2. De leverancier heeft ons iets laten weten.
    3. De leverancier wist het al voordat wij iets zeiden.
    4. Wij wilden het de leverancier nog niet vertellen.
    Toon antwoord

    Antwoord: A Wij hebben het de leverancier meegedeeld.

    Iemand iets laten weten = het hem meedelen.

Oefen deze les in Zorg Space

In de app wordt elke regel interactief oefenen: directe correctie, herhaling op het moment dat je het bijna vergeet en voortgang die je van niveau tot niveau ziet — gratis.

Gratis beginnen